|
|
ONZE GRANDIOZE RONDREIS NAAR VIETNAM NOORD-ZUID
Je kan het verslag ook downloaden in PDF formaat door hier te klikken
Eerste twee dagen
We vertrokken op woensdag 13 april met een vlucht vanuit de vlieghaven Charles De Gaulle te Parijs. We verplaatsen ons met de Thalys naar Parijs. Niets vermoedend volgden we de eerste persoon naar spoor 5-6. Toen de trein vertrok, voelden we dat we op de verkeerde Thalys zaten. Het fluitsignaal werd onderbroken. We konden nog snel overstappen op de juiste Thalys. Oef! Op het laatste nippertje. Voor de rest verliep alles naar wens. Dus in het vervolg alert zijn!
‘s Anderdaags landden we om 7.45u. in Hanoi. Het was er zeer mistig en vochtig weer, maar het was er warm. We werden opgewacht door een vriendelijke gids van België, hij was getrouwd met een Viëtnamese vrouw.
Ons eerste bezoek was aan het mausoleum van Ho Chi Minh, symbool van onafhankelijkheid. We kwamen binnen in een gebouw waar een goed bewaard lijk lag. In de omgeving van zijn woonhuis was een pagode op een zuil en het presidentiële gebouw. Deze plaats heeft herinneringen aan deze moedige man. In de namiddag verkenden we de stad met een cyclo-tour en stopten aan het gebouw waar de beroemde waterpoppenshow voorgesteld werd. Het was zeer mooi maar… We zaten in een lange rij en vielen allen in slaap. Inderdaad, we hadden 24 u geen slaap gehad.
|
Derde dag
De 3de dag bezochten we de Tempel van Literatuur, de eerste universiteit van Vietnam, opgericht in 1076, het confucianisme, de filosofische stroming van uit de 5de eeuw voor Chr. in China door Confucius en zijn school. In de namiddag maakten we een rit van ongeveer 170 km. door prachtige landschappen, vooral veel groen en rijstvelden die zo proper gewied werden door de vrouwen en ondertussen ploegden de mannen met de buffel. De rijstvelden worden 2x per jaar geoogst.
|
Vierde dag
De 4de dag maakten we een 5 uur durende boottocht in Halong baai. Het was heel mistig weer. Men noemde deze streek ‘Baai der dalende draak’, 3000 rotseilandjes die steil omhoog rijzen uit het blauwe water. Achter de griezelige rotseilandjes wacht er nu nog veel piraterij. Dat is geen sprookje… Aan de overkant is China. De vissers en hun gezinnen wonen altijd op het water. Zo konden ze wat verdienen door de visvangst. We namen een feestelijk middagmaal op de boot. Reuze langoustines en veel ander soorten vis stonden op het menu. Het was heel lekker!
‘s Avonds om 23.30u.namen we een compartiment nachttrein naar het hoge noorden van Vietnam. We logeerden in hotel ‘Victoria Express’. Het was een luxe trein met een lekker bed. We hadden goed geslapen. Onderweg konden we buiten niets zien omdat het te donker was.
|
Vijfde dag
De 5de dag ‘s morgens in Ga Lao-Cai aangekomen wachtte de bus op ons. De bus was vol modder bedekt door de vuile straten. Daarna reden we naar Muong Hum, onze eerste ontmoeting met de bergvolkeren van Noord-Vietnam. Er was een kleurrijke markt door de klederdracht van de verschillende stammen, elk met zijn eigen cultuur en tradities.
Er wordt gezegd dat de bergvolkeren zich bijna nooit wasten, minstens 3x per jaar. Zij kunnen het water niet uitstaan. Daar stond veel hondenvlees op het menu. De honden zijn vastgebonden aan de poten en samengeperst in kleine kistjes, ongeveer 10 honden per kistje. Zij snakten naar adem. Vreselijk! Daar krijg ik hartpijn van! Ik protesteer! World dierenbescherming had een initiatief moeten nemen. Want ze hebben geen gevoel.
Nadien maakten we een korte wandeling naar de Chinese grens. Er mocht geen enkele vrachtwagen door rijden over de grens naar China of naar Vietnam. De Chinezen staken de grens over met hun zwaar beladen fietsen via een brug die grenst aan China. We reden door steile bergen, bochtige wegen en diepe dalen met kronkelende rivieren naar Sapa. Gelukkig was er geen mist zodat we de bergen konden zien.
De hoogste berg in Noord-Vietnam is 3.143m. We zagen op de bergen schuine, waaiende rijstvelden, de natuur was erg mooi. We maakten kennis met de bergbevolking van de verschillende minderheden. Zij waren tevreden met hun woonst die bestond uit schamele houten hutten. We daalden daarna af naar de diepe valleien. Zo zeldzaam mooi! Het was een tikkeltje avontuur voor ons. Voorbij de watervallen, was het zwaar, heet en vermoeiend. Oei! Hoe gaan we terug naar boven? Klimmen? vroeg ik me af. Geen probleem want de brommers brachten ons weer naar boven. Oef wat ’n geluk!
|
Achtste dag
De 8ste dag namen we een vlucht naar Hue, de keizerstreek van de verboden stad. We bezochten de plaats waar verschillende dynastieën geleefd hebben, vanaf 200 jaar voor Chr. tot 1883. Dat nadien bezet wordt door de Fransen. Deze plaatsen werden zwaar beschadigd tijdens het TET-offensief in 1968. Tijdens een aangename boottocht maakten we een tochtje op een welriekende rivier. Daar stopten we aan de oever waar de keizerlijke graven van de verschillende dynastieën zich bevonden. Dan moesten we 170 treden naar boven stappen. Het is het laatste graf van de dynastie die overleed in 1925. Er was een mooi uitzicht op de parfume-rivier.
We maakten ook een aangename fietstocht door de rijstvelden. Bij het vertrek moesten we even door de drukke straten fietsen waar geen verkeersregels gelden. Oef! Ik ben dat niet gewend. Bij een pauze kregen we een drankje van onze vriendelijke gids. Bij de terugkeer naar ons hotel waren de straten vol met fietsende scholieren en we krioelden tussen de fietsers. Patsy, onze tolk kreeg een klap waardoor haar zadel beschadigd werd en moest ze al zittend op de bagagerek fietsen. Zij kreeg een grote blauwe plek op haar billen. Wauw! Op het fietspad werden we verrast door buffels. (Ongeveer 15km.)
Het volgende bezoek was de schilderachtige stad HOI AN. Sinds 15-19de eeuw een belangrijke haven voor de Chinese, Portugese, Japanse en Nederlandse koopvaardijschepen. Er stonden ook eeuwenoude huisjes en tempeltjes, een sierlijke Japanse brug enz. Men kon daar kledij op maat bestellen, vooral het oosterse pak. Enkelen van onze groep hebben kledij op maat laten maken.
We zullen onze Oosterse pakken dragen tijdens de samenkomst van de reizigers na de reis. Hopend dat iedereen zijn of haar pak zal dragen, dat maakt er een kleurrijke samenkomst van.
|
Twaalfde dag
De 12dedag, 2de vlucht naar Saigon. In Saigon eindigde de Vietnamese Oorlog! Op 30 april 1975 trok het Noord-Vietnamese bevrijdingsleger Saigon binnen. Al 30 jaar werden de bevrijdingsfeesten gevierd met een groot vuurwerk. Veel brommers krioelden door de straten waar de voetgangers onmogelijk konden oversteken op de oversteekplaatsen. Men moet veel durf hebben om toch over te steken. Weer is er geen kennis van de verkeersregels. Er was geen verkeerspolitie te bespeuren.
We bezochten de vietcong-basis. Er was een rondleiding aan de beruchte Vietcong tunnels van Cuchi met smalle gangen en ondergrondse kamers. Er waren ook veel verschillende valstrikken voor de Amerikaanse soldaten. Johan Dalen kon in zo’n klein kuiltje kruipen. De rest van onze groep moest minder eten om er ook in te kunnen. Per platte kano peddelden de Vietnamese vrouwen ons door kronkelende watertjes. Daar werd veel verstopt door de vietcongs voor de Amerikanen. We reden met brommers naar het bedevaartsoord SAM MOUNTIN. Daar hadden we een mooi vergezicht van de rijstvelden tot Combodja.
In het Noorden van Viëtnam zijn er bergen en natuur, Midden-Viëtnam is een cultureel Keizerrijk en in het Zuiden zijn veel waterwegen, kanaaltjes en rivieren.
We vaarden met een boot naar de vlottende markt waar allerlei bootjes vaarden met de meest exotische producten. Er worden ook tienduizenden bassa-katvissen gekweekt onder elk huis. Velen woonden op het water in een schamel hutje op bamboepalen.
Zowel in het Noorden als het Zuiden troffen we veel Vietnamese doven. Het zijn mooie mensen en ze konden vlot communiceren met ons. Zij hebben ons hun verschillende tekens van gebaren gegeven. Je kan een kopie vragen aan Patrick Fabel of aan Erwin Van Paris. In de buurt van Hanoi, in een bedrijf van geborduurde doekjes werkten tientallen doven. Toevallig ontmoetten we een dove man met een groot gezin, die eigenaar was van een restaurant in Hue en een jonge dove op een straat in Chau Doc. Het deed ons deugd om Viëtnamese doven te ontmoeten.
Het was een zeer boeiende reis waarvan we veel geleerd hebben. De reis was vermoeiend door het vochtige en warme weer met temperaturen van 40 graden. We voelden dat we te weinig zuurstof hadden.
Dankzij onze goede tolk Patsy Van Den Bogaert konden we alles van de gids begrijpen. We hadden ook een goede reisbegeleider. De reis gaf voldoening en we waren blij thuis te zijn met veel herinneringen.
Er wacht ons nog een samenkomst met een filmvertoning over onze reis. Tot weldra!
Reisverslag opgemaakt door Rosa Serron
|
|
|
|